U bent hier

Musea samen in gesprek over herkomstonderzoek en omgang met koloniaal erfgoed

Ruim 80 museumprofessionals kwamen maandag 2 maart op uitnodiging van de Museumvereniging en Commissie Nationaal kader koloniale collecties bijeen om kennis te delen over de omgang met collecties in koloniale context. Naast verschillende presentaties was er ook ruimte om met elkaar in debat te gaan en zo de dialoog met betrekking tot herkomstonderzoek gezamenlijk te starten.

Ruim 400 Nederlandse musea vertellen samen het hele, steeds vernieuwende verhaal van onze veranderende samenleving. Ons koloniaal verleden maakt hier onlosmakelijk onderdeel van uit. Het is een thema dat vele verschillende perspectieven kent en onderdeel is van een veel bredere, maatschappelijke discussie. De museumsector heeft de taak om dat steeds veranderende verhaal respectvol en inlevend te vertellen, waarbij de herkomst van de collecties en objecten er ook toe doet. Daarom doen musea, in lijn met de Ethische Code voor Musea, actief aan herkomstonderzoek: wáár komen de objecten vandaan en welke verhalen horen daarbij?

Leden actief betrekken
Tijdens de bijeenkomst kwamen verschillende museumprofessionals aan het woord, zoals Stijn Schoonderwoerd van het Nationaal Museum van Wereldculturen, hoogleraar Remco Raben, Janelle Moerman van Museum Prinsenhof en Ellen Grabowsky en Klaas Stutje van het Expertisecentrum Restitutie (ECR) van het NIOD. Daarnaast lichtte voorzitter van de commissie Lilian Gonçalves-Ho Kang You de opdracht van de minister toe en dankte zij de aanwezigen voor de bereidwilligheid om mee te werken aan een eerste inventarisatie van koloniaal erfgoed in beheer bij musea in het land.

Met elkaar in debat
Na de pauze gingen de aanwezigen met elkaar in debat naar aanleiding van drie stellingen. Rode lijn van de dialoog was: musea verdienen steun bij hun onderzoek naar herkomst van de collectie. Dat onderzoek mag niet op voorhand belemmerd worden door eigendomskwesties of op voorhand vragen over restitutie.

Meerstemmig perspectief
Wanneer je weet wat je in de collectie hebt, hoe het is verworven en wie de (vorige) eigenaar is, kun je komen tot erkenning, betere representatie, genuanceerde informatie over het object. Dat leidt weer tot een meerstemmig perspectief op de collectie. In sommige gevallen kan restitutie een volgende stap zijn. De museumsector wil zich daarbij baseren op de principes die Nederland, op grond van internationale richtlijnen, ook hanteert bij de teruggave van naziroofkunst: gedegen herkomstonderzoek, een evenwichtige dialoog en een rechtvaardige oplossing.

‘Meer gesprekken gaan voeren’
De voorzitter van de Museumvereniging Irene Asscher-Vonk sloot de middag af. Zij gaf mee om samen op zoek te gaan naar bewustzijn, begrip en nuances over het koloniaal verleden en nieuwe perspectieven op de Collectie Nederland. Zij sloot af met de boodschap: “Als museumsector moeten we blijven reflecteren op onze eigen culturele positie. Als musea zeggen we graag dat we verhalenvertellers zijn, maar dat kan alleen als we eerst meer gesprekken met anderen gaan voeren.”

Over de commissie
De Commissie Nationaal Beleidskader Koloniale Collecties is ondergebracht bij de Raad voor Cultuur en heeft de opdracht gekregen van de minister van OCW om een toekomstperspectief te schetsen voor de omgang met koloniaal erfgoed en om een inventarisatie te maken van koloniale objecten in het beheer van Nederlandse musea inclusief de stand van zaken van herkomstonderzoek naar deze objecten. De Museumvereniging werkt actief mee aan de totstandkoming van deze eerste inventarisatie en ziet uit naar het advies van de commissie* en de reactie van de minister daarop.

*Het rapport van de commissie wordt 1 oktober 2020 verwacht.

Dossiers 
Koloniaal erfgoed

Reacties