U bent hier

Spraakmaker Clayde Menso

Clayde Menso Foto: Cindy Baar

Spraakmaker is een rubriek in het vakblad Museumvisie. Meer weten? Klik hier

Volgens Clayde Menso, directeur van Amerpodia, kunnen debatcentra en musea mensen helpen om hun positie te bepalen ten opzichte van de wereld om hen heen.


Tekst: Femke de Wild
Foto’s: Cindy Baar


Clayde Menso stapte een jaar geleden over van het Amsterdams Fonds voor de Kunst naar Amerpodia, de overkoepelende organisatie achter Felix Meritis, Rode Hoed, De Nieuwe Liefde en het Compagnietheater. Bij het AFK ontwikkelde hij vernieuwende concepten als spreekuren voor kunstenaars, het crowdfunding platform voordekunst.nl, de cultuurlening en de 3PackageDeal. Als directeur van vier van oudsher toonaangevende cultuurhuizen in Amsterdam wil hij nieuwe doelgroepen bereiken.

Waarom heb je in 2017 de overstap gemaakt van het AFK naar Amerpodia?
‘Ik heb bijna 10 jaar bij het AFK gezeten. In die tijd hebben we veel nieuwe projecten opgestart en is het AFK getransformeerd van een fonds dat alleen incidentele projectsubsidies geeft naar een fonds dat ook meerjarige subsidies verstrekt. We zijn van € 7 miljoen naar bijna € 33 miljoen subsidie gegaan en de organisatie is nagenoeg verdubbeld. Toen ik voor de negende keer bij de uitreiking van de Amsterdamprijs voor de Kunst was, dacht ik: ga ik dit een tiende keer doen? Die vraag kon ik niet positief beantwoorden. Het beleidsplan was af, de eerste structurele subsidies waren verdeeld, de bezwaarperiode was afgerond. Dit was een mooi moment om de overstap te maken naar iets waaraan ik weer een aantal jaren kan bouwen. Jacqueline van Benthem, directeur van het Compagnietheater, vertelde me kort na de uitreiking van de prijs dat Felix Meritis, Rode Hoed, De Nieuwe Liefde en het Compagnietheater gingen fuseren en dat er een directeur werd gezocht. Verschillende dingen kwamen samen. Mijn liefde voor Amsterdam, waar ik geboren en getogen ben. Dit zijn vier iconische plekken in de stad. En mijn wens om meer bij te dragen aan het maatschappelijk debat. Geen betere plek daarvoor dan deze vier podia.’

Kunstmecenas Alex Mulder is met zijn bedrijf Amerborgh de grote man achter Amerpodia. Hoe verhoudt zijn visie zich tot jouw eigen ideeën?
‘Voor ik begon, heb ik veel gesprekken gevoerd met Alex Mulder en anderen van Amerborgh over de vraag waarom ze deze cultuurhuizen hebben gekocht. Wilden ze alleen maar veel vastgoed verkrijgen? Ik kwam er al snel achter dat ze hun geld op andere manieren konden besteden die veel meer op zouden leveren. Sterker nog, het enorme bedrag dat nu geïnvesteerd wordt om Felix Meritis te renoveren, halen ze er nooit meer uit. Mulder wil deze gebouwen behouden voor de stad, maar ook plekken creëren waar mensen met elkaar in gesprek gaan. De panden moeten geschikt worden voor zakelijke verhuur om daarmee vervolgens een sterke programmering mogelijk te maken. Deze combinatie van commercieel en ideëel denken, sprak mij aan. Ik heb gewerkt bij de Nationale Postcode Loterij. De loterij verkoopt loten, maar besteedt de opbrengst aan projecten die de wereld beter of mooier maken. Ook de verregaande samenwerking vond ik interessant.’

Clayde Menso Foto: Cindy Baar




 

‘SAMENWERKEN
GEBEURT BIJNA
ALTIJD MAAR TOT
OP ZEKERE HOOGTE'










Bedoel je de fusie van de vier podia?
‘Inderdaad. In de culturele sector wordt al heel lang gesproken over samenwerking en worden verschillende pogingen ondernomen om dat te doen. In het theaterlandschap zouden bijvoorbeeld de Stadsschouwburg Amsterdam, Theater Frascati en Like Minds gaan samenwerken. Maar dit gebeurt altijd maar tot op zekere hoogte. Er echt voor open staan om personeel te delen en van de vier instellingen achter de schermen één bedrijf te maken met één directeur, dat gebeurt zelden. Ik heb van Amerborgh de opdracht gekregen om van de vier podia werkelijk één organisatie te maken. Daarnaast moeten het wel vier onderscheidende plekken worden waar verbinding tot stand komt en nieuwe inzichten ontstaan. Tot slot – en niet onbelangrijk – heb ik de opdracht om dat op een duurzame manier te doen. Duurzaam in de zin dat elk podium op termijn zelfvoorzienend moet zijn.’

Dat lijkt me een flinke klus. Waar heb je je het eerste jaar op gericht?  
‘We zijn begonnen bij de kern: de missie, de visie en de inhoudelijke profielen voor de vier verschillende huizen bepalen. We hebben verschillende vragen gesteld. Wat is onze betekenis voor de stad, voor het land en hoe verhouden de vier huizen zich ten opzichte van elkaar? Wat is de achtergrond van elk gebouw? Welke vragen leven er in de samenleving? Mensen hebben steeds vaker het gevoel dat ze grip verliezen. Dat gevoel ontstaat door belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van klimaat, gender, racisme en technologie. Het overkoepelende doel van Amerpodia is om mensen bij elkaar te brengen. De vier huizen moeten plekken zijn waar lezingen, theater of debat je helpen om weer grip te krijgen. Hier worden verhalen verteld en gedeeld die je helpen om je positie te bepalen ten opzichte van de wereld om je heen.’

Kun je een voorbeeld noemen? Hoe kan de programmering daarbij helpen?
‘De Rode Hoed is van oudsher een schuilkerk. We houden in de profilering van deze plek vast aan het idee van de schuilkerk als safe haven, waar je op een vrije manier kunt spreken over wat je bezighoudt. Hier ontmoet je de hoeders maar ook de aanjagers van maatschappelijke ontwikkelingen. Daarbij willen we nadrukkelijk verbreden naar andere doelgroepen. Het traditionele publiek is de oudere, hoogopgeleide, blanke vrouw. Die waarderen we enorm, maar als je de omgeving waarin je je bevindt wil duiden en erop wil reflecteren, dan kun je je niet tot één doelgroep beperken.’

Hoe bereik je nieuwe doelgroepen?
‘De afgelopen tijd hebben we nieuwe formats bedacht en zijn we bijzondere samenwerkingen aangegaan. Skin Deep is een voorbeeld van een nieuw programma over de gevoeligheden tussen zwart en wit. We wilden alle groepen die dit onderwerp aangaat bij elkaar brengen. Onze eigen organisatie is nog vrij traditioneel: hoogopgeleid, wit, meer vrouwen dan mannen. Daarom zijn we gaan samenwerken met Mitchell Esajas, Matthea de Jong, Aldith Hunkar en Imara Limon. Met dit team krijg je tijdens de redactieraad al gesprekken die je ook met het publiek wil voeren. Van de mensen die op Skin Deep zijn afgekomen, was het overgrote deel nog nooit in de Rode Hoed geweest. Elke avond was het vol en zaten er 450 man in de zaal. We houden ons niet alleen bezig met culturele diversiteit, maar ook met diversiteit op het gebied van leeftijd en gender bijvoorbeeld.’

Musea verliezen hun relevantie als ze zich niet gaan richten op het verbreden van het publiek

Wat is de meest interessante ontwikkeling die je bij musea hebt gezien de afgelopen jaren dat je directeur was van het AFK?
‘Dat zijn er twee die in elkaar grijpen. Musea zijn veel meer bezig met de vraag wat hun collectie voor de wereld van nu betekent, met transhistoriciteit. Op basis van die vraag stellen musea steeds vaker hun programma’s samen. Ten tweede is er het besef dat musea hun relevantie verliezen als ze zich niet gaan richten op het verbreden van het publiek. Om dat te bereiken, moeten ze de collectie vanuit meerder perspectieven benaderen en dus meerdere verhalen gaan vertellen. Maarten van Engel is bij het Van Gogh Museum aangesteld om de diversiteit te vergroten, Marian Duff betrekt steeds weer nieuwe sprekers bij de programma’s voor Ons’ Lieve Heer op Solder en Imara Limon organiseert de New Narratives in het Amsterdam Museum. Deze mensen hebben de opdracht musea relevanter te maken voor de tijd van nu. Dat vind ik een heel mooie ontwikkeling.’

Clayde Menso Foto: Cindy Baar





‘VERANDERING DIE
VAN BINNENUIT KOMT,
KUN JE NIET BUITEN
DE DEUR HOUDEN’



 

Vind je dat die ontwikkeling snel genoeg gaat?
‘Nee. Maar ik was laatst bij een bijeenkomst waar Jörgen Raymann het mooi verwoordde. Hij zei dat je verandering op verschillende manieren teweeg kunt brengen. Je komt binnen als wesp of als houtluis. Hij ziet zichzelf als houtluis. Verandering die van binnenuit komt, kun je niet buiten de deur houden. Je kunt er ook niet zomaar afstand van nemen, want dan stort het hele systeem in elkaar. Als je verandering wil bestendigen, moet het van binnenuit gebeuren. Het kan altijd sneller, maar het is pas duurzaam als het verankerd is. Je hebt de wespen overigens ook nodig, maar zij moeten geen lone wolves blijven.’

Hoe zorgen musea ervoor dat dergelijke veranderingen duurzaam zijn?
‘Musea moeten zich eerst de vraag stellen of het verbreden van hun verhaal en doelgroep in hun ogen urgent is. Als dat zo is, moet je tot in je kern bereid zijn om te veranderen. Het aanstellen van jonge mensen is mooi, maar gaan ze ook doorgroeien? Ben je bereid om je eigen positie ter beschikking te stellen, of om iemand aan te nemen met een andere mening dan jij? Ben je bereid de sleutel uit handen te geven om een nieuw geluid binnen je instelling te laten horen? Of ben je op zoek naar mensen die er misschien net iets anders uitzien, maar wel hetzelfde denken als jij? Je moet jezelf echt oprecht afvragen “waarom?”. We hebben het nu over culturele diversiteit, maar hetzelfde geldt voor ondernemerschap of duurzaamheid.’

Musea kunnen veel meer voor elkaar betekenen

Wat mis je nog bij musea?
‘Er gaat ook veel goed hoor. Met cultuureducatie gaat het heel erg goed. Daar is veel aandacht voor. Het reageren op technologische ontwikkelingen gaat goed. En er wordt goed gekeken naar wie bepaalt wat er allemaal tot ons erfgoed behoort. Ondernemerschap zit ook in de lift: de winkel, horecaconcepten, verhuur. Wat er niet goed gaat, is dat musea volgens mij veel meer voor elkaar kunnen betekenen. Er is nog veel verschil tussen de kleine musea en de grote jongens. De grote jongens hebben een enorme schat aan kennis over hoe je conserveert en hoe je een organisatie inricht. Daar zouden kleinere instellingen veel meer profijt van kunnen hebben. Andersom zijn kleinere musea vaker gericht op een bepaalde doelgroep of een specifiek thema. Daar zouden grote musea weer van kunnen leren. Naar mijn smaak gebeurt er in de wisselwerking nog te weinig. En dat ligt niet alleen aan de grote jongens. Het heeft ook te maken met autonomie, met bang zijn dat je opgeslokt wordt.’
 

Kunst creëert ruimte in hoe je denkt en met andere mensen omgaat


Je lijkt zeer bevlogen in het bereiken van mensen. Vind je het belangrijk om jouw liefde voor kunst en cultuur door te geven? Wat biedt cultuur in jouw ogen?
‘Dat is een combinatie van inzicht, schoonheid, verwondering en confrontatie. Kunstenaars zijn in staat je blik te verbreden en je op een ongelooflijke manier te verrassen. Kunst bevraagt continu. Het creëert daardoor soms letterlijk, maar vaker nog figuurlijk ruimte in hoe je denkt en hoe je met andere mensen omgaat. Mijn kinderen zijn 9 en 13 en ik heb ze van jongs af aan meegenomen naar mijn werk. Naar kindervoorstellingen en tentoonstellingen bijvoorbeeld. Ik wil dat ze open staan voor nieuwe inzichten en kunst stimuleert een open houding.  Kunst biedt ook troost. Ik luister thuis vaak naar muziek. Kunst heeft overigens niet het monopolie op dit effect. Er zijn ook documentaires die mij nog dagen bij blijven, wetenschappers kunnen hetzelfde bereiken. En ook gewone Amsterdammers.’

> Meer weten over Museumvisie? Klik hier

Dossiers 
Museumvisie

Reacties