U bent hier

Nederlandse musea zijn van en voor iedereen, niet van de individuele bestuurder

maandag 15 juli 2019 - 14:10

Meer bezoeken en meer inkomsten zijn een blijk van waardering en verbondenheid van het publiek met de museale collecties. In april jl. heeft minister Hoekstra van Financiën een conceptwetsvoorstel ingediend waardoor organisaties verplicht zijn te publiceren wie de uiteindelijke belanghebbenden (UBO) van de organisatie zijn. Bestuurders van musea – dit zijn algemeen nut beogende instellingen – worden in dit conceptwetsvoorstel ten onrechte gezien als uiteindelijke belanghebbenden. De Museumvereniging bepleit net als de Samenwerkende Brancheverenigingen Filantropie een uitzondering in de UBO voor bestuurders van algemeen nut beogende instellingen zoals musea. De reden is zonneklaar: de Nederlandse musea zijn van en voor iedereen.

Naar verwachting gaat de minister komend najaar in een debat met de Tweede Kamer over het wetsvoorstel.

In deze snel veranderende tijden zijn musea misschien wel belangrijker dan ooit. Musea vertellen ons verhalen over wie we werkelijk zijn en waar we eigenlijk vandaan komen. Je kunt je er verwonderen, laten verrassen en verrijken. Het zijn plekken van ontmoeting, verbinding en bijzondere ervaringen: waar een leven lang leren tot leven komt. Want musea bewaren, onderzoeken en presenteren een enorm cultureel kapitaal dat van ons allemaal is.

Samen met ruim 400 musea versterkt de Museumvereniging, als brancheorganisatie, het publieke belang van die Nederlandse musea. Door een blijvende binding van álle inwoners van ons land met museale collecties te stimuleren. Daarvoor zijn een stevig draagvlak, een groot verdienver-mogen en een hoge kwaliteit van de museumsector noodzakelijk.

Reacties